Vullingen

Gaatjes worden veroorzaakt door bacteriën die zich aan het oppervlak van uw tanden en kiezen hechten. Naarmate de bacteriën zich vermenigvuldigen en groeien, vormen ze een witachtig laagje dat tandplak wordt genoemd. Als tandplak niet wordt verwijderd, begint deze zuren af te scheiden die kleine gaatjes in het oppervlak van het tandglazuur maken. Naarmate de gaatjes groter worden, groeien ze uiteindelijk uit tot één groter gat (cariës).

Een gaatje in je gebit moet worden gevuld om ervoor te zorgen dat het gaatje niet groter wordt en pijn gaat doen. Als je een gaatje hebt, boort de tandarts ook een gaatje. De tandarts haalt als het ware het zieke deel vol met cariës weg.

Een tand bestaat uit verschillende vlakken, denk bijvoorbeeld maar een dobbelsteen, deze heeft ook meerdere kanten / vlakken. De bovenkant van een tand en met name de kies, heeft ook nog meerdere kleine vlakjes. Aan verschillende vlakken kunnen gaatjes ontstaan die gevuld moeten worden. Als er meerdere gaatjes in verschillende vlakjes worden gevuld, is dit terug te zien op uw rekening. Op de rekening staat dan bijvoorbeeld een tweevlaks- of drievlaksrestauratie.

Etsen houdt in dat het tandoppervlak met een speciaal zuur wordt ruw gemaakt. Als het oppervlak ruw wordt gemaakt, wordt het makkelijker voor het vulmateriaal om zich aan het tandbeen te hechten. Dit voorkomt dat de vulling er weer snel uitvalt.